Afstudeerscriptie Robbert-Jan Brat
In de eerste helft van 2003 is het afstudeerproject van
Robbert-Jan Brat (Instituut Collectie Nederland (ICN), Opleiding tot Restaurator) uitgemond in de afstudeerscripte met de titel: “Schadebeelden van traditionele meubelvernissen”. Een onderzoek naar schadevormen, schadeoorzaken en mogelijke behandelmethoden van beschadigde negentiende eeuwse transparante vernissen op meubelen, uitmondend in een schadeatlas, welke is toegepast op de vernis van een negentiende eeuwse koloniale Rafflesstoel. De integrale tekst van deze scriptie is niet via deze webpagina in te zien. De papieren versie is in te zien in de bibliotheek van het ICN, Gabriël Metsustraat 8, Amsterdam. Het ICN kan via het volgende web-adres worden bereikt: www.icn.nl. Voor meer informatie kunt u ook een e-mail schrijven naar Robbert-Jan Brat zelf: brat@bratromeny.nl

Hieronder is een korte samenvatting van de scriptie weergegeven.

In de afstudeerscriptie staat het ontwikkelen en opstellen van een methodiek voor het vaststellen van het soort schade aan traditionele transparante meubelvernissen centraal.

Om tot deze methodiek te komen is allereerst bronnenonderzoek gedaan naar de samenstelling van negentiende eeuwse transparante meubelvernissen. De belangrijkste vernissen die in de negentiende eeuw werden gebruikt zijn een plantaardig was-hars mengsel, olievernissen (op basis van drogende terpentijn-, spijk- en lavendelolie), olielak (een plantaardige hars combinatie opgelost in gekookte olie), harsen opgelost in alcohol, schellak opgelost in alcohol. Deze vernissen werden toen ook gebruikt voor het restaureren van vernissen. Tevens werd aan het begin van de twintigste eeuw nitrocelluloselak gebruikt voor het vernissen en restaureren van vernissen.
De samenstelling, werking en kenmerkende eigenschappen van traditionele transparante meubelvernissen zijn vervolgens onderzocht. Een gemiddelde vernis is samengesteld uit een bindmiddel, oplosmiddel, eventueel pigmenten of kleurstoffen en hulpstoffen, zoals oppervlakte actieve stoffen en droogstoffen. Voor een goede werking van een nieuw aan te brengen vernis spelen een schoon oppervlak van de drager, de oppervlaktespanning en viscositeit van de vernis, het kleefvermogen van de film en de mogelijkheid tot filmvorming van de vernis een belangrijke rol. Een vernis kenmerkt zich door zijn optische eigenschappen, zoals transparantie, reflectie en glans en zijn sterkte of mechanische eigenschappen, zoals hardheid en soepelheid.

Alle mogelijke vormen van schade aan traditionele transparante meubelvernissen zijn geïnventariseerd en gerubriceerd. De te onderscheiden hoofdcategorieën zijn: broosheid, blauwen van de vernis, ouderdomspatina, gebruikspatina en slijtage, biodeterioratie en schade door ingrijpen.
Tevens zijn de verschillende oorzaken van alle schadesoorten weergegeven. Schade aan vernis kan worden veroorzaakt door werking van de houten drager, invloeden van het klimaat, natuurlijke veroudering van de vernis zelf, gebruik van het meubel en slijtage door gebruik, schimmels en insecten en restauratie en conservering.
Voor elke schadesoort is tevens aangegeven welke behandelmethoden en materialen voorhanden zijn om de schade mee te kunnen herstellen of consolideren. Allereerst dient de samenstelling van de vernis onderzocht te worden. Vervolgens dient onderzocht te worden of de vernis nog voldoende hecht aan de drager of de onderliggende vernis. Is dit het geval, dan kan de vernis worden schoongemaakt. Brokkelt de vernis makkelijk af, dan dient deze eerst vastgezet te worden met consolidanten of synthetische harsen. Ook kan hiervoor een warmte spatel of vel gebruikt worden. Retouches en latere vernissen kunnen op verschillende wijzen verwijderd worden en tevens is beschreven op welke wijze leemtes in de vernis kunnen worden aangevuld. Ook het niet behandelen blijft een van de opties.

De methodiek die hieruit is ontwikkeld is de zogenaamde schade-atlas. Hierin is van elke schadesoort een afbeelding te vinden. Tevens wordt in de atlas kort aangegeven wat de kenmerken zijn van de schadevorm, waardoor de schade wordt veroorzaakt en hoe deze te behandelen is. Tevens wordt het meubel, waarbij de schade aan de vernis is aangetroffen, kort omschreven.

De schade-atlas is vervolgens toegepast op een negentiende eeuwse koloniale Rafflesstoel.
De vernis van de Rafflesstoel blijkt de volgende belangrijkste schadebeelden te hebben: Stof, craquelures door werking van de ondergrond, blind worden / wit uitslaan, afgebladderde vernis, krassen en butsen en verkleurde retouches. Middels de schade-atlas zijn de mogelijkheden voor het behandelen van deze vernisschades eenvoudig op te sporen.


Artikel km 48, winter 2003
Naar aanleiding van de afstudeerscriptie van Robbert-Jan Brat is een artikel verschenen in het tijdschrift kM, een uitgave van de Stichting Kunstenaarsmateriaal. Hiervoor heeft hij de scriptie bewerkt voor een artikel in nummer 48, pp 35-38, welke verscheen in de winter van 2003. De titel van het artikel luidt: “Schadebeelden bij traditionele meubelvernissen”. kM is een vaktijdschrift met materiaaltechnische informatie over beeldende kunst. Het volledige artikel is op onze webpagina integraal opgenomen. U kunt hier doorklikken naar het artikel.
KM kunt u op het web bereiken via www.kunstenaarsmateriaal.nl